Roel van Velzen 1

Roel van Velzen

Geplaatst op Categorieën Sterke verhalen

Stijgt boven zichzelf uit

Hotspots editie 25

Iedereen kent VanVelzen. In eerste instantie alleen zijn muziek, maar sinds zijn rol als coach van The Voice kent ook iedereen zijn persoonlijkheid. Inmiddels is hij een gevestigde naam in de Nederlandse muziekindustrie en durft hij met zijn derde album Rush of Life echt zijn eigen koers te varen. “Ik vind het niet meer zo belangrijk wat anderen vinden.”

Tekst: Lilian van de Kamp
Fotografie: Henk Merjenburgh

Staat je derde album Rush of Life het dichtst bij jezelf?
“Dat klinkt misschien heel zweverig, maar dat is het niet, omdat dit album eigenlijk de afgelopen twee jaar samenvat. In tegenstelling tot de eerdere liedjes die ik schreef, paste ik dit keer niet echt filtering toe op wat ik schreef. Vroeger dacht ik na over hoe het overkwam, is het niet te soft? En de combinatie van het feit dat ik daar minder mee bezig ben, komt denk ik door de basis die ik nu heb in mijn leven: ik ben getrouwd, ik heb mijn droomhuis gekocht, ik heb een zoon gekregen. Ik zit in zo’n heftige up-fase, die basis is zo fijn, dat het me niet meer zoveel kan schelen wat mensen van me vinden als ik iets zing.”

Dus we horen een gelukkige Roel op de plaat?

“Ja, het is een echte up-plaat. Niet dat het alleen maar happy, happy, joy, joy is, maar er is best wel veel gebeurd en het geeft denk ik de energie weer, de rush of life, een verslaving die ik heb aan de diversiteit van het leven. Ik kan ook niet zonder. Daar haal ik echt een kick uit.”

Wat doet die rush met jou?

“De verschillende projecten die ik doe, van het album schrijven tot een theatertour maken of een project met Helden van Amstel en iets als The Voice, al die verschillende dingen, daar moet ik op een andere manier creatief mee omgaan. En die afwisseling voedt mijn creativiteit. Daar gedij ik heel goed bij. De balans is heel goed op dit moment. Daarbij komt natuurlijk dat ik in mijn privésituatie ook extreem gelukkig ben. En dat alles samen vormt het hart van het album.”

Was je imago vroeger belangrijker?

“Ik merk dat ik bij mijn eerste album vooral dacht: dit is het eerste wat mensen van mij gaan horen. Misschien wel het enige. Wist ik veel wat er zou gaan gebeuren. Dus ik was wel bezig met het feit dat het de introductie was die mensen van mij kregen. En achteraf als ik daar nu op terugkijk dan zie ik dat ik liedjes schreef over dingen die ik niet had of dingen ik nog zocht. De zoektocht. Bij het tweede album, (het eerste album was best wel goed gelukt,) was ik vooral heel erg bezig met het feit dat er weer hits op moesten staan. Is dit wel een hit? Ben ik nu wel een hit aan het schrijven? Dus dat is een hele andere insteek.”

En daar was je nu niet mee bezig?

“Nu heb ik dat helemaal los kunnen laten. Muziek maak ik nu in eerste instantie voor mezelf. Ik ben er nog minder mee bezig geweest wat mensen er van vinden. Ik heb vooral het album gemaakt wat ìk wilde maken. En de dingen opgeschreven en ook durven opschrijven die ik op dat moment meemaakte. Ik heb niet meer gefilterd op: hoe kom ik nu over? Dat kan me niet zoveel schelen, want ik ben gewoon blij met hoe mijn leven nu is. Dan is dat ook minder belangrijk.”

En je hoeft je ook niet meer zo te bewijzen toch?

“Mensen weten nu wie ik ben. Die hebben op de radio mijn muziek leren kennen en op tv mijn persoonlijkheid. Dat is wat ik hoor om mij heen. En die combinatie zorgt ervoor dat het ook goed in balans is.”

Je had niet verwacht in een periode van geluk goede teksten te kunnen schrijven.

“Klopt. En dat is dus heel erg meegevallen. Het heeft me vooral verrast dat onze bruiloft zo’n ijkpunt bleek te zijn. Je weet dat je van elkaar houdt, je hebt dat natuurlijk ook wel uitgesproken naar elkaar, maar om dat echt zoveel kracht bij te zetten met zo’n dag…  We waren zo ongelofelijk ondergedompeld in een bad van liefde, met de mensen om ons heen en de warme dingen die je voelt, mooi aangekleed. Het was met Oud en Nieuw, champagne, vuurwerk, een besneeuwde omgeving, in het buitenland. Dat was echt iets magisch. En dat maakte de songwriter in mij ook echt ontzettend wakker. Ik was heel erg geïnspireerd.”

Dus jij hebt tijdens je huwelijksreis alleen maar zitten schrijven?

“Nee we ging pas een paar maanden later op huwelijksreis. Dat was misschien ook wel mijn redding. Er stonden nog wat schrijfsessies tussen dus het kon allemaal vers, meteen uitgewerkt worden.”

Onthoud je dat als er iets begint te borrelen?

“Een paar liedjes gaan specifiek over die momenten. De voorbereiding of de dag van het huwelijk zelf. Ik had toen een gevoel waarvan ik wist dat als ik dat later weer kon oproepen, dat die tekst er gewoon uit zou floepen. En dat was ook zo. Making Memories bijvoorbeeld en She Brings Me Out.”

Welk nummer is nog meer bijzonder voor je?

“Heb je het liedje Sing, Sing, Sing gehoord? Dat is een soort ode aan mijn vader. Mijn vader zingt daarin de brug. Het liedje heb ik geschreven met mijn toetsenist Simon. We hadden al vrij snel het refrein: Sing, Sing, Sing. Maar op een gegeven moment gingen we coupletten zingen en dan zing je het eerste wat in je opkomt. It started with a simple melody, right there from the heart. Toen zei Simon: je bedoelt zeker dat je met je vader in de auto zat vroeger, dat hij je Beatles liedjes aan het leren was. Nee… Ja! Dat bedoelde ik niet, maar te gek, dat is het natuurlijk. Dus floep, kwam dat liedje er uit. Dat schreef zichzelf. Er zitten wat Beatles quotes in de brug van het liedje. Het leek ineens allemaal samen te komen. En toen we dat liedje aan het opnemen waren, kwam mijn vader langs. Toen dacht ik, ik vraag gewoon of hij met dit lied wil meezingen. Zo gezegd, zo gedaan, en nu zit hij daar dus in.”

Hij is ook muzikaal?

“Hij heeft mij muzikaal opgeleid, zonder dat hij het me opdrong van nu moet je muziek gaan maken. Maar hij heeft het wel in me los gemaakt, hij heeft ontdekt wat mijn passie was. En daarmee is hij wel een van mijn inspiratiebronnen en voorbeelden geweest. Het liedje is eigenlijk een eerbetoon aan mijn liefde voor muziek en dan specifiek de rol die mijn vader daarin speelde. Dat is de openingstrack van het album. En het laatste nummer is You should know, dat is weer een soort liedje aan mijn zoon. Dus de circle of life: van vader op zoon en van vader op zoon.”

Wat maakt jouw muziek typisch VanVelzen?

“Poeh. Ik hoorde laatst iemand zeggen dat er wel een soort drive achter zit. Een soort energie, die door de speakers druipt. Dat vind ik wel een heel mooi compliment. De vraag was: als jij aan The Voice zou meedoen, waaraan zouden we je dan herkennen? Waarom zouden ze dan wel of niet draaien? Toen zei ik dat ik dat echt niet zou weten en toen zei hij dat als antwoord. Het is natuurlijk heel lastig om iets over jezelf te zeggen, dat kunnen anderen van een afstandje beter naar luisteren dan dat je er zelf bovenop zit.”

Je hebt inmiddels veel fans.

“Ik weet dat er een groep mensen zat te wachten tot m’n album uitkwam. Die bij wijze van spreken naar de platenzaak rennen om hem meteen te kunnen kopen. Dat is een hele bizarre gedachte. Vooral omdat ik zelf ook op die manier fan ben van een aantal bands. Als er van hun een nieuw album uitkomt, dan moet ik het hebben. Ik weet de kracht die dat met zich meebrengt, dat hunkeren naar iets nieuws. Alles wat iemand maakt goed vinden en de passie die je daarbij voelt. En dan te bedenken dat mensen dat bij mij hebben, dat is iets heel mafs. Ik ken wel een hoop die-hard fans, ja. Van gezicht, niet allemaal bij naam. Bij festivals komen mensen voor de hele line up, maar in het theater komen ze echt voor jou. Toen heb ik ook eens goed rondgekeken. Wie komen er op af? Echt generaties die met elkaar komen. Tieners, twintigers, dertigers, veertigers, vijftigers. En zestigers die gewoon een abonnement hadden op het theater en dachten: wat is dit nou?! Maar niet weg durfden te gaan. En onverwacht toch een leuke avond hadden.”

Maar iedereen vind je ook leuk.

“Ja maf is dat, maar het komt denk ik ook door The Voice.  Daar ben ik wel heel dankbaar voor. Het heeft me bij een breed publiek bekend gemaakt. Maar ik ben vooral dankbaar dat men zo’n positieve associatie met me heeft. Ik hoor dat zelf ook wel om me heen, maar dat is nooit mijn doel geweest, zo van dan vinden mensen me eens leuk. Dus dat is een fantastisch bijeffect geweest.”