Marcel Troost 1

Marcel Troost

Geplaatst op Categorieën Sterke verhalen

Draaiorgels

Hotspots editie 28

Tekst & fotografie: Lilian van de Kamp

Bij een draaiorgel denk ik altijd aan de vogeltjesdans en mannen met dikke buiken die met een blikje rammelen. Een traditioneel instrument, waar veel mensen een herinnering aan hebben. Harderwijker Marcel Troost (50) heeft ze in ieder geval en bouwt nu zijn eigen draaiorgels.

Marcel werd geboren in Den Haag en in het straatbeeld van zijn geboortestad zag hij als kind regelmatig straatorgels voorbijkomen. Ook toen hij verhuisde naar Rijswijk, reed er regelmatig een draaiorgel, voortgetrokken door een paard, door zijn straat. Als jochie van een jaar of tien vond hij dit reuze interessant en hij maakte dan ook regelmatig een praatje met de draaiorgelman en zijn kinderen. Naarmate de draaiorgelman Marcel beter leerde kennen, mocht hij steeds meer doen. Het was tenslotte wel handig, zo’n knechtje die de muziekboeken kon verwisselen op het orgel en het paard kon ophalen om voor het orgel te spannen. Marcel vond het fantastisch. Maar toen verhuisde hij naar Harderwijk. “Ik vond het verschrikkelijk, op dat moment, want ik moest mijn passie achterlaten.”

Wedden Dat!

Zijn liefde voor draaiorgels hield niet op en hij bleef zich erin verdiepen. Hij heeft als draaiorgelkenner zelfs meegedaan aan het tv-programma Wedden Dat! De opdracht: geblinddoekt draaiorgels herkennen. En natuurlijk slaagde de opdracht! “Naar aanleiding van Wedden Dat! werd ik gevraagd een radioprogramma te maken voor de lokale radio van Harderwijk: Halo. Dat heb ik een paar jaar gedaan. Helaas bestaat het nu niet meer.”

Het oog wil ook wat

Inmiddels heeft Marcel zelf ook drie draaiorgels. “Een van mijn orgels heb ik destijds overgenomen van een kennis, de andere twee heb ik zelf gemaakt.” De orgels die Marcel in zijn bezit heeft zijn kleine straatorgels. “Ik wil ooit nog wel een grote, maar dan moet ik ook eerst groter gaan wonen. Zo’n groot straatorgel past namelijk niet in mijn garagebox. En daarbij zijn ze ook niet goedkoop.” De twee orgels die hij zelf heeft gebouwd zijn voorzien van een modern tintje. Ze zijn versierd met stickers, poppen en lantaarns en in de mooiste kleuren geschilderd. “Het oog wil natuurlijk ook wat en vooral kinderen worden er echt door aangetrokken.” Hij krijgt ook verzoeken van anderen om orgels te bouwen en hoewel het gewoon hobby is, heeft hij besloten volgend jaar maar eens aan zo’n project te beginnen.

Traditioneel

Vroeger kwam de muziek van draaiorgels uit muziekboeken, kartonnen stroken met gaatjes. Maar Marcel heeft ook een orgel die op papieren rollen met gaatjes draait en weer een ander orgel draait op cassettebandjes. Dat het niet authentiek is maakt hem niet uit. “Het is juist wel makkelijk, want deze kan iedereen gewoon bedienen en ze nemen weinig ruimte in beslag.” Toch blijft hij in hart en nieren een liefhebber van het traditionele draaiorgel met muziekboek, dat met de hand bediend moet worden. In zijn huis hangt een grote foto van zo’n orgel en op de grond staan drie poppen van een meter hoog, die vaak op zo’n orgel gemonteerd worden. “Collectorsitems. Het zijn niet de originele poppen, maar replica’s waar er maar een paar van zijn gemaakt. Ze kostten een paar duiten, maar ik heb geluk gehad dat ik ze nog in het guldentijdperk heb gekocht.”

Het leukst aan zijn draaiorgels vindt Marcel het sociale aspect. “Ik sta graag op evenementen. Zo sta ik bijvoorbeeld elk jaar op de Spakenburgse dagen en heb daar altijd veel bekijks. Je hebt altijd aanspraak met een draaiorgel. Een van de leukste dingen die ik heb meegemaakt, was misschien wel de landelijke intocht van Sinterklaas hier in Harderwijk.  Tijdens het Sinterklaasjournaal had een van mijn orgels een hoofdrol, dus daar ben ik super trots op.”

Geen kleingeld meer op zak

Is er nog toekomst voor het draaiorgel in Nederland? “Ik vind dat het aanzien van het orgel wel beter is geworden. Er zijn echt vakmensen bijgekomen en er worden muziekboeken gemaakt met moderne muziek. Maar er zijn bijna geen beroeps-orgeldraaiers meer. Omdat er veel tweeverdieners zijn in ons land, en ze dus beiden werken overdag, valt er op straat weinig meer te halen. Daarbij hebben steeds minder mensen kleingeld op zak. Dus je ziet dat de draaiorgels steeds vaker bij verzamelaars belanden die goed in de slappe was zitten. Het draaiorgel is daardoor langzaam aan het veranderen in een soort status-ding. En ik profiteer daar natuurlijk ook van.”