John van den Heuvel 1

John van den Heuvel

Geplaatst op Categorieën Sterke verhalen

Vechten tegen misdaad

Hotspots editie 30

Tekst: Lilian van de Kamp
Fotografie: Henk Merjenburgh

Misdaadverslaggever John van den Heuvel heeft met zijn werk vele politieonderzoeken een zetje in de goede richting gegeven en met zijn programma Ontvoerd herenigt hij kinderen met hun ouder. Kortom, John maakt de wereld een beetje beter en daarom vinden wij hem een held. We hebben een afspraak met John in een hotel in Bussum. Het blijkt een plek waar hij ook wel heeft gezeten met Willem Holleeder, De Hakkelaar en andere grote namen uit de onderwereld. Opeens vind ik de setting best wel spannend… En als dan zijn telefoon gaat en de tune van de Godfather door de ruimte klinkt, slik ik even… maar dan moet ik eigenlijk wel om lachen om de hele situatie!

Je carrière is begonnen bij de politie?

“Dat klopt. Na de HAVO ben ik in Amsterdam bij de politie aan het werk gegaan. Ik heb in eerste instantie de reguliere opleiding gedaan en ben bij de surveillancedienst gaan werken. Daarna ben ik bij het stafbureau voorlichting en publiciteit terechtgekomen en maakte ik kennis met het journalistieke werk. Vervolgens ben ik bij de recherche aan de slag gegaan en heb ik in een infiltratieteam gezeten.”

Maar hoe werd je dan misdaadverslaggever?

“Het schrijven heb ik altijd heel leuk gevonden. Ik schreef in die periode ook artikelen voor politiebladen. In mijn tijd bij het stafbureau voorlichting en publiciteit had ik veel contact met de media, dus ik kreeg op die manier wel een kijkje in de journalistieke keuken. De toenmalige politieverslaggever van De Telegraaf ging bijna met de VUT, dus ik werd gebeld of die functie niet iets voor mij was. Dat leek me een leuke job, dus in 1990 ben ik bij De Telegraaf gaan werken. In eerste instantie als politieverslaggever en later echt als misdaadverslaggever.”

Zit je nu als verslaggever op een iets ‘veiligere’ afstand?

“Er zijn wel raakvlakken met het vak van rechercheur. Het is ook onderzoek doen, je moet goed op de hoogte zijn van wat er in de criminele wereld leeft, dus je moet ook contacten hebben in die wereld. Ik schrijf over mensen die daar niet altijd even blij mee zijn, dus er zijn wel periodes geweest waarin ik rekening moest houden met vergeldingen. Daarnaast heb ik televisieprogramma’s gemaakt met confrontaties, ruzies van mensen, oplichters of wanbetalers en daarbij moest ik soms toch ook wel rekening houden met geweld. Dus in die zin, zit er nog genoeg spanning in mijn werk.”

Het vak brengt dus wel risico’s met zich mee?

“Het is een baan met meer risico dan gemiddeld. Nu met mijn programma Ontvoerd bijvoorbeeld ook weer. In Bosnië hebben we heftige dingen meegemaakt, ik ben nu net terug uit Egypte, ik ga van de week weer naar Marokko. Dat zijn landen waar je op alles bedacht moet zijn. Het is dus wel een beroep waarin je stevig in je schoenen moet staan. Maar ik ben geen waaghals. Risico uitsluiten lukt niet, maar ik stort me niet als een kamikaze in allerlei onvoorziene situaties. Ik heb in Bosnië op het punt gestaan een jongetje uit een garage weg te halen, die werd vastgehouden door zijn vader. We hoorden vlak voordat we daar naar binnen zouden gaan, dat die vader twee handgranaten bij zich had. Dat bericht heeft ons net op het juiste moment bereikt. Voor hetzelfde geld was het een half uur later geweest en daar naar binnen gesprongen… Dus je kunt wel zeggen dat ik een engeltje op mijn schouder heb.”

Je programma Ontvoerd lijkt me emotioneel gezien heftig. Kun je emoties eenvoudig uitschakelen?

“Moeilijk. Ik ben hier veel mee bezig. Als dan na veel spanning de hereniging kan plaatsvinden en het kind met de ouder mee naar huis kan, dan is dat heel bijzonder en emotioneel. Weet je wat het is? Ik heb heel veel over liquidaties in de onderwereld geschreven. Ik was hier vlakbij toen Peter Petersen werd geliquideerd. Ik heb denk ik wel meer dan tien keer op korte afstand gestaan van mensen die doodgeschoten waren, die ik persoonlijk kende. Dat waren allemaal mensen uit het criminele milieu die voor een bepaald risico in het leven kiezen. Dat kan ik dan makkelijker van me afzetten, dan wanneer kinderen speelbal worden van echtelijke ruzies. Van ouders die elkaar een hak proberen te zetten, die puur uit eigenbelang handelen. Dat heeft meer impact.”

Kom jij wel eens met info die de politie nog niet weet?

“Regelmatig. Het is nooit een doel op zich om een politieonderzoek vooruit te helpen. Als misdaadverslaggever ben je beschrijver, onderzoeker, het is niet de bedoeling om moordzaken op te lossen. Maar door de aard van het werk komt het regelmatig voor dat ik op informatie stuit die relevant is voor politieonderzoek. Er is nu een groot proces gaande in Amsterdam, het Yellow-stone onderzoek, waarin ik informatie heb kunnen aandragen, waardoor een granaataanslag en een moordaanslag is opgelost. Ik kan legio voorbeelden noemen van politieonderzoeken die door mijn informatie een zetje hebben gekregen. En nogmaals, dat is niet mijn taak of mijn doel, maar als je eenmaal in dit milieu zit en mensen vertrouwen je, dan kan het niet anders dan dat je wel eens achter informatie komt, die ook voor onderzoek van belang kan zijn.”

Had je niet gewoon sportverslaggever willen worden?

“Nee, ik denk als ik dat was geworden, dan had ik toch wel weer dezelfde kant opgezocht, in de zin van de omkoopschandalen of dopingschandalen. Dat onderzoeken zit wel een beetje in me. Misdaad heeft wel een zekere aantrekkingskracht. Een fascinatie is misschien een te groot woord, maar ik heb een meer dan gemiddelde interesse in waarom mensen tot een misdaad komen en hoe ze daar mee omgaan. En ik ben ook erg geïnteresseerd in hoe misdaad wordt bestreden.”

Heb jij wel eens een heldendaad verricht?

“Ik ben iemand die niet wegloopt voor moeilijke situaties. En dat zeg ik niet om mezelf even op de borst te kunnen roffelen, dat moet wel een beetje in je zitten denk ik, maar in mijn politietijd… Als je als eerste bij een verkeersongeluk ter plaatse komt en je verleent eerste hulp of je komt bij iemand die een hartaanval heeft gehad en je gaat reanimeren, dan past dat gewoon bij je werk. Andere mensen zullen zeggen, ‘wat bijzonder’, maar ik vind dat niet echt heldendaden. Ik doe gewoon mijn werk en ik loop niet weg. Af en toe zegt mijn vrouw dat ik knettergek ben, maar als ik op straat een vechtpartij zie, dan spring ik er tussen. Doorlopen zit niet in mij. Terwijl ik mijn kinderen juist leer dat niet te doen. Kijk vanaf een afstandje of je de situatie kunt inschatten, probeer desnoods met je telefoon foto’s te maken of 112 te bellen.”