Ger Verwoerd 1

Ger Verwoerd

Geplaatst op Categorieën Sterke verhalen

Boswachter

HotSpots Editie 5

Hoe word je boswachter?

“Van jongs af aan was ik al geïnteresseerd in de natuur. Als klein jochie ging ik al veel op pad. Dus na de bosbouwschool en een aantal vakgerichte cursussen ben ik gaan solliciteren en werd ik op mijn 21ste de jongste boswachter. Het gebied dat ik onder mijn hoede heb is 1800 hectare groot. Mijn hoofdwerkgebied is Staverden, maar ik werk ook in gebieden bij Garderen en richting Epe. Dat heeft te maken met de terreineigendommen. Naast het Geldersch Landschap waar ik voor werk, zijn ook Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer terreinbeheerdersorganisaties. Maar ook verschillende gemeentes zijn eigenaren van stukken bos. Ieder heeft zijn eigen toezicht met boswachters. We werken allemaal volgens vastgestelde wetten die betrekking hebben op de flora en fauna. Onderling hebben we natuurlijk veel overleg.”

Is het een populair beroep?

“Er zijn gelukkig nog veel mensen die een ‘groene’ opleiding doen. Veel voormalige tuinbouwscholen hebben in hun lesprogramma ook bos- en natuurbeheer opgenomen. En wij krijgen veel stagiairs die graag boswachter willen worden. Helaas voor hen zijn er niet zo heel veel plekken beschikbaar. Bovendien is de ene plek leuker dan de andere. De Veluwe is natuurlijk heel interessant vanwege de dieren die er rondlopen. Een boswachter van het Haagse bos houdt zich bijvoorbeeld veel meer bezig met publiekstoezicht, omdat het overspoeld wordt met mensen.”

Mag je mensen berispen?

“Ja, ik houd ook toezicht, dat wil dus zeggen dat ik mensen mag bekeuren als dat nodig mocht zijn. Niet elke boswachter is ook toezichthouder. Er zijn ook boswachters die alleen de ontwikkelingen binnen een gebied in de gaten houden, en op basis van die bevindingen advies uitbrengen aan het beheer. Maar degene die als opsporingsambtenaar is aangesteld en het Boa insigne draagt, heeft ook politiebevoegdheden en draagt meestal een wapen.”

Ben je ook jager?

“Ja, beroepsmatig ben ik ook jager. Ik schiet niet de meeste beesten hier in de omgeving. Dat doen de jagers. Mijn taak ligt meer in het begeleiden en het toezicht houden van de jacht. Maar soms moet er snel gehandeld worden zoals bij een aanrijding of een dier dat in een afrastering verstrikt is geraakt, ja dan doe ik het zelf. Het jagen op zich kost heel veel tijd. Je moet dat goed en selectief doen. Dat begint met een beheerplan, inventarisatie en tellingen van de dieren. Elk gebied heeft vastgestelde standen. Wij hebben 170 edelherten lopen. De reden waarom dat er niet meer mogen worden zijn bijvoorbeeld de landbouwbelangen. Elk boerenbedrijf in de omgeving zou kunnen sluiten als er meer beesten rondlopen, want ze vreten alles op. Een andere reden is het verkeer. Met meer dieren is de kans op aanrijdingen vele malen groter. Bovendien is het de bedoeling om van de Veluwe in plaats van een naaldbos een loofbos te maken vanwege het natuurlijke karakter. Ruim 100 jaar geleden zijn die dennen geplant met als doel hout te leveren voor onder andere de mijnbouw. Vòòr die tijd was de Veluwe één kale heidevlakte.
Met uitzondering van een paar boerengebruiks-bossen, waar de varkens en koeien in geweid werden, zoals bij Speuld. Vanaf het Aardhuis bij Apeldoorn kon je vroeger de Zuiderzee zien en de oude beuken bij Drie waren de bakens vanuit die Zuiderzee. Er liepen alleen maar grote kuddes schapen over kale stille vlaktes. Toen de kunstmest werd uitgevonden waren de schapen niet meer nodig om de akkers te bemesten en bovendien kon men de wol veel goedkoper importeren uit Australië. Dus de herders en hun schapen verdwenen en de woeste gronden moesten weer rendabel worden gemaakt. Naast dennenbomen groeide bijna niets meer op die uitgemergeld grond. Inmiddels heeft men vanaf de jaren zeventig besloten een meer natuurlijk karakter aan het bos te geven door meer loofbomen toe te voegen. Aangezien edelherten planteneters zijn, zou geen loofboom het overleven als er 3000 herten zouden lopen.”

Ben je erg gehecht aan dit gebied?

“Absoluut! Ik woon hier op het terrein en feitelijk bezit ik alleen de grond in de bloempot thuis, maar het voelt wel alsof het van mezelf is. Doordat ik hier woon, ben ik altijd heel snel ter plekke als er iets is. Je kunt zeggen dat ik altijd werk, maar ik zie het meer als een leefstijl.”

Wat moet je doen als je per ongeluk wild hebt aangereden?

“Altijd de meldkamer van de politie bellen (0900-8844). Deze zorgt ervoor dat er binnen een half uur een boswachter ter plekke is. Dag en nacht. Als een dier dood langs de weg ligt, zorgen wij dat het verwijderd wordt. Is het beest niet dood, maar gewond het bos ingelopen, wordt het wat lastiger. Dan zoeken we met speciale getrainde honden naar het spoor van het gewonde dier dat soms wel kilometers ver weg kan zijn. Het is daarom heel belangrijk dat wij de exacte plek weten waar het beest is aangereden, bovendien kunnen wij ook de aanrijding vastleggen zodat de automobilist de schade met de verzekering kan opnemen. Helaas komen we elk jaar nog veel beesten tegen op drie poten of waarvan de kaak verbrijzeld is als gevolg van een aanrijding.”

Heb je met vooroordelen te maken?

“Nou, veel mensen denken dat ik met een jachtgeweer op mijn rug en een groen hoedje op de hele dag een beetje door het bos loop. Maar je moet het echt zien als een bedrijf dat gerund wordt. De wegen moeten onderhouden worden, de prullenbakken geleegd, de parkeerplaatsen moeten om de zoveel tijd geasfalteerd worden, de routepaaltjes, de hekwerken, er moeten spullen worden ingekocht, aannemers ingeschakeld en ingepland worden, noem het maar op. Je  moet het zien als een bedrijf dat hele specifieke producten produceert als natuur, landschap en beleving.”