Ernst Jansz 1

Ernst Jansz

Geplaatst op Categorieën Sterke verhalen

Oprichter Doe Maar

Hotspots editie 22

Ernst Jansz en Henny Vrienten waren de grote tieneridolen. Gillende en flauwvallende meisjes beheersten hun leven. Doe Maar scoorde vele hits, maar de roem eiste zijn tol en de band hief zichzelf in 1984 op. Minder op de voorgrond maar niet minder druk speelde hij in de jaren erna met de band CCC Inc, schreef hij drie romans, waarvan twee met soundtrack, en produceerde acts als Blue Murder, Claw Boys Claw, Bram Vermeulen en Boudewijn de Groot.

Tekst: Esmeralda van der Mee

Voor zijn liedjesprogramma Dromen van Johanna waarmee Ernst Jansz nu in het theater staat, vertaalde hij twaalf liedjes van Bob Dylan naar het Nederlands.

Dromen van Johanna is gebaseerd op de liedjes van Bob Dylan. Wat is er voor jou zo speciaal aan zijn teksten?

“Ik ben van jongs af aan, nou ja, vanaf mijn 15e, gegrepen door zijn muziek. Ik vond zijn teksten, althans dat wat ik er van verstond, heel krachtig, hij zegt dingen zoals ik ze zou willen zeggen, maar het komt gewoon niet bij me op. Er is geen artiest die zowel wat tekst als ook wat muziek betreft zoveel heeft uitgevonden en dus heeft betekend. Poëzie verbinden met popmuziek. Wat een idee. Een nummer dat een hele plaatkant besloeg. Ga maar door.”

Zijn teksten staan er om bekend dat ze op meerdere manieren te interpreteren zijn. Is dat bij jouw vertalingen ook het geval?

“Ik heb zoveel mogelijk getracht de vertalingen net zo vaag te houden als de oorspronkelijke teksten. Ik vond het een vreselijk idee mensen hun eigen interpretatie van die teksten te ontnemen en heb dan ook mijn best gedaan juist niet te interpreteren. Helaas kwam ik daar niet altijd onderuit. Het kwam ook wel voor dat er iets in mijn hoofd schoot wat niet direct een letterlijke vertaling was, maar wat ik toch heb bewaard. Heel intuïtief soms en dus heel gevaarlijk, maar de reacties van Dylan fanaten zijn eigenlijk unaniem positief, om niet te zeggen enthousiast, en dat is natuurlijk het grootste compliment dat ik kan krijgen.”

Wat maakt jouw songteksten speciaal?

“Ik kan natuurlijk van mijn eigen teksten moeilijk zeggen wat daar zo speciaal aan is, maar ik wil over het algemeen graag juist de kleine dingen van het leven bezingen en daar een jasje aan geven zodat het groter wordt, of juist omgekeerd, de belangrijke dingen van het leven beschrijven in een alledaagse context. Ik hoop inderdaad dat de meeste mensen iets herkennen in mijn liedjes, iets voelen, geraakt worden.”

Je Hebt drie maanden gedaan over ‘Voor Ramona’, hoe gaat zo’n proces in zijn werk?

“Zinnetje voor zinnetje, woord voor woord. Hier en daar een regel. Langzaam worden dan de lege plekken opgevuld, tot er een bevredigend geheel is ontstaan.”

Als je met zo’n vertaling bezig bent, kun je Dat dan loslaten Of ben je drie maanden aan een stuk met die tekst bezig?
“Meestal ben ik er dag en nacht mee bezig, staar ik wat vaag voor me uit, niet erg gezellig dus. Maar soms is het nodig even afstand te nemen, even het hoofd leeg te maken. Dan ben ik weer gewoon huisvader of klusjesman. Op een ander niveau gaat het dan door, denk ik, en vangt mijn antenne op een gegeven moment weer iets op. Want zo is het wel: je werkt eraan, maar de oplossingen komen ‘van boven’ lijkt het wel.”

Ben je pas klaar als je 100% tevreden bent, of loop je soms ook tegen dingen aan die gewoon niet goed te vertalen zijn?

“Ik ben een perfectionist en ik streef dus naar die 100%.  In een enkel geval, ik bedenk er nu 1, had ik het liever iets anders gedaan, maar zelfs daar twijfel ik over. Ik ben dus eigenlijk heel tevreden.”

Moet iets altijd perfect zijn of heeft het ook zijn charme als iets soms niet zo perfect is?

“Dat is een goede vraag. Ik geloof in de kracht van het moment, zeker met muziek maken, daar is de vonk van wat er op een gegeven moment gebeurt belangrijker dan of iets foutloos gespeeld wordt. Foutloos is meestal futloos. In het geval van taal is dat iets anders. Taalfouten zijn storend en dus nauwelijks toegestaan. Waar ik wel veel belang aan hecht is, zoals ik al zei, de intuïtie. De perfectie die ik nastreef zit hem dan ook niet in de inhoud, maar meestal in de vormgeving. Dat is het bootje waarmee het idee naar de mensen wordt toegebracht. Daar kan ik behoorlijk irritant perfectionistisch over zijn.”

De voorstelling gaat naast de liedjes ook over de briefwisseling tussen jou en een goede vriend. Waar gaat die over?

“Nou, hoe moeilijk ik het had met bepaalde dingen. Mijn twijfels over de zinloosheid van het hele idee van Dylan vertalen. Of de euforie als ik meende iets moois gevonden te hebben. En ook: de prachtige verhalen die ik gaandeweg achter de nummers ontdekte.”

Hoe zou je een avond bij jou in de zaal omschrijven?

“Een enorme kick. Mensen die Dylan ineens van een andere kant zien. Die door die prachtige liedjes ineens een mens zien schemeren. Die een prachtig verhaal te horen krijgen over een bijzonder mens, zoals we dat allemaal zijn en allemaal prachtige verhalen te vertellen hebben. ?Want dat is Dylan natuurlijk ook: een fantastische verteller. Heerlijk ook om te spelen met twee van die geweldige muzikanten, Guus Paat op gitaar en Richard Wallenburg op bas.”

Wie zouden er naar het theater moeten komen?

“Maakt niet uit. Iedereen is welkom en iedereen zal zich amuseren.”

Is jouw leven een zoektocht naar nieuwe muzikale uitdagingen of is het een proces van verbetering en verfijning?

“Ik ben inderdaad altijd op zoek geweest naar muzikale vernieuwingen. Daarbij was het, tekstueel gezien, zeker ook een proces van verbetering en verfijning. Wat die muzikale vernieuwingen betreft gaat het vaak om een idee, een beeld dat ik voor me zie: Een Chopin-achtige solo in een popsong. Popmuziekpubliek dat en masse in het Nederlands zingt. Nederlandstalig op reggae. Krontjong in popmuziek. Dylan in het Nederlands. Ik denk dat elke artiest zichzelf moet blijven vernieuwen, er naar moet streven iets aan zijn eigen oeuvre toe te voegen.”

Ben je naar het concert van Bob Dylan geweest vorige maand?

”Nee, niet geweest. Ik moest zelf spelen. Helaas.”

Nostalgie: Wat is je mooiste herinnering aan het Doe Maar tijdperk?
“Dat duizenden mensen met z’n allen Nederlands meezongen. Dat was mijn droom geweest. In je eigen taal zingen. Meebrullen. Je uiten. Lachen en huilen. Het was geweldig.”

Hoe heb je het ervaren dat jullie na zoveel jaar weer opnieuw bij elkaar kwamen?

“Dat was een feest. En dat is het nog steeds. Elke keer als we bij elkaar zijn is er meteen weer die magie, die vonk. Dat voelt iedereen.“

Wat is volgens jou je grootste hit? En hoe is die tot stand gekomen?

“Mijn grootste hit is voor mij Belle Hélène. Dat was een prachtig verhaal over een bijzondere liefde. Natuurlijk waar gebeurd. De mooiste verhalen zijn uit het leven gegrepen.”

Wat gaan we in de toekomst van je zien, horen of lezen?

“Plannen genoeg. Een nieuw boek een CD en… een reünie met Doe Maar voor Symphonica in Rosso volgend jaar oktober. En wie weet brengen we tegen die tijd ook wel weer een cd uit met nieuw Doe Maar materiaal. Maar waar het mij voornamelijk om gaat is plezier maken.”